AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites
Leven van gebed
Leven in gemeenschap
Leven van arbeid

LECTIO DIVINA

monnik die leest

Een bijzondere maar wezenlijke spirituele praktijk voor de monnik is de Lectio Divina. Dit is een langzaam, aandachtig en indringend lezen en in zich opnemen van Gods Woord, dat achter de ‘woorden’ van de Schrift verwijlt, en daar in stilte wacht om hen persoonlijk aan te spreken. “Des verbes au Verbe,” - “van de woorden naar het Woord” - zegt de Franse theoloog Jean-Luc Marion.

In tweede instantie komen voor de Lectio Divina ook geschriften in aanmerking die het verstaan van de Schrift bevorderen en verdiepen. Bij voorkeur geschriften van Kerkvaders, zoals Sint-Augustinus, of de geschriften van oude monastieke auteurs zoals Johannes Cassianus. Of van middeleeuwse spirituele auteurs, zoals Bernardus van Clairvaux.

De Lectio Divina behoort tot het gebed, omdat de monniken in de Lectio Divina ontvankelijk zijn en stil, zoals bij het gebed, om de Stem van God te vernemen. Daarvoor blijven zij geduldig en met volharding bij de woorden van de Schrift vertoeven, lezen zij ze langzaam en rustig, één voor één, koesteren zij ze, betasten zij ze als het ware met de vingers. En denken zij er eerbiedig en ontvankelijk over na, tot de ware betekenis ervan – waarmee ze in hun eigen leven worden aangesproken – hen gegeven wordt en door de ‘dorre’ letters heen breekt.

Bij de Lectio Divina is Jezus tegelijk de lezer in henzelf en – als Woord – datgene wat gelezen wordt. In de Middeleeuwen sprak men ook van Jezus als van het Boek. De beoefening van de Lectio Divina leidt in ieder geval tot een steeds groeiende gelijkvormigheid met Christus.

In feite is de Lectio Divina het wezen of de kern van alle lezen. De monniken besteden er de beste momenten van de dag aan, bij voorkeur in de vroege morgen, na de nachtwake.

De praktijk van de Lectio Divina sluit andere vormen van lezen niet uit. Iedere lezing die een leven van gebed bevordert en zo de liefde tot God en de naaste doet toenemen, komt in aanmerking. Doch iedere geestelijke lezing, ieder lezen zelfs, ontleent haar uiteindelijke zin en efficiëntie alleen maar aan regelmatige beoefening van de Lectio Divina.